Inleiding.
In de grote verscheidenheid aan tegels kunnen we voornamelijk een onderscheid maken of het materiaal al dan niet door de mens vervaardigd wordt.
Zo hebben we enerzijds de natuursteen en anderzijds de gebakken of niet gebakken vervaardigde producten. Van deze twee verschillende soorten tegels gaan we U proberen een duidelijk beeld te geven van hoe ze ontstaan, met enkele voorbeelden.
Top
Het ontstaan van verschillende natuurstenen.
Volgens de wijze van vorming maakt men onderscheid tussen;
(1) stollingsgesteenten en
(2) afzetting- of sedimentgesteenten.
De eerste zijn ontstaan door het afkoelen van magma
(de in gesmolten toestand verkerende massa, die onder de aardkorst aangetroffen wordt)
Deze zijn van vulkanische oorsprong en hebben een kristallenlijn structuur. Voorbeelden hiervan zijn porfier, graniet en basalt.
De tweede zijn de afzetting- of sedimentgesteenten, deze zijn ontstaan door het samenpersen van onderwater afgezette en door het water meegesleepte korrels van verweerde gesteente of van gesteente van organische oorsprong. Deze korrels werden door een natuurlijk procédé aan elkaar gekit. In België vindt men van deze soort bijv. zandsteen, kalksteen en kwartsite.
In tegenstelling tot de keramische tegels wordt natuursteen niet gebakken, maar gedolven uit de natuur.
Bij de winning van natuursteen wordt gebruik gemaakt van de eigenschap dat de meeste gesteenten in lagen worden aangetroffen. Bij harde gesteenten (b.v. graniet) worden in horizontaal vlak een reeks gaten geboord in deze boorgaten worden stalen wiggen aangebracht en met behulp van springstof worden later grote blokken natuursteen verkregen. Deze blokken worden dan eerst tot platen verzaagd.
Top
Welke zijn de meest gebruikte soorten?
1. Van vulkanische oorsprong kennen wij:
PORFIER
In België wordt porfier gevonden in Quenast, Bierk en Lessen.
Het is buitengewoon hard, dicht en druk- en slijtvast. Daardoor is het zeer geschikt voor gebruik in de algemene wegenbouw, als straatkasseien en steenslag voor beton en spoorwegballast (gebroken of gemalen grijze porfier worden in verschillende grote aangeboden b.v. 7/14 enz.)
GRANIET
Is eveneens een stollingsgesteente. Het is volledig uitgecristaliseerd in één of meerdere verhardingsfasen. Voor 50% bestaat deze uit kwarts, voor 30% uit veldspaat (die in 6 hoofdkleuren kunnen voorkomen in de vorm van kristallen in de gesteente, naar gelang de herkomst van het land) en voor 20% uit mica (deze komen voor onder de vorm van zwarte staafjes met een metaalglans).
Graniet staat bekend voor zijn schoonheid, sterkte en zijn duurzaamheid. Vandaar de uitgebreide toepassingen van dit gesteente in vele monumenten zoals (grafzerken) en in de bouwafwerking voor bevloering van drukke winkelruimtes en het bekleden van gevels, ook in de laatste 10 jaar worden deze bij ons meer en meer gebruikt als werkbladen van de moderne keukens van vandaag, met een groot aanbod van graniet, in de afwerking, de vorm, kleur en uitzicht. Ook kennen deze een groot succes in de meubelbewerking zoals granieten eetkamer- en salontafels enz.)
Kortom deze gesteente is vrijgoed bestand tegen alle weersinvloeden en is zelfs onverslijtbaar. Het bovenaanzicht van de gepolijste oppervlak hebben een hoge glans uitstraling. De hardheid en de afwezigheid van gelaagdheid maken de exploitatie zeer moeilijk, met het gevolg dat de aankoopprijs van sommige graniet soorten zo duur zijn. De indelingen van granietische natuursteen als bouwmateriaal zijn gebaseerd op de korrelgrote waarbij men de voorkeur geeft aan fijnkorrelig gesteente.
BASALT
Is een gemengd vulkanisch gesteente dat voorkomt in vijf- of zeshoekige prisma's (zuilenbasalt)in platen als tafelbasalt. De kleur is donker grijsblauw. Het wordt nog sporadisch gebruikt als steenslag voor beton, doch zijn grootste toepassingsgebied in ons land vooral in de woning- bouw en als vloerbekleding. Dankzij zijn hoge warmtecapaciteit is het een "ideaal" materiaal in de zo genoemde zonnewoningen, onder de vorm als accumulatie vloer.
Top
2. Afzettings- of sedimentgesteenten zijn de kalksteen soorten. Wat is "Kalksteen"?
Kalkstenen variëren zeer sterk in kleur, textuur en ontstaanswijze, maar zij zijn alle voornamelijk uit het mineraal calciet opgebouwd. De meeste kalkstenen zijn in de zee gevormd en sommige op zeer grote diepte. Natuurlijk spreken wij hier van vele duizenden jaren.
Zowel plantaardige als dierlijke organismen werken direct of indirect mee aan het ontstaan van kalkrijke sedimenten. Kalkstenen bestaan vaak uit kalkskeletten van koralen, wormen, cinoïden, mollusken en sommige ééncellige diertjes. Soms spelen bepaalde algen eveneens een belangrijke rol bij de vorming van kalkafzetting.
Calciet is oplosbaar in zuurwater, hierdoor lossen kalkstenen gemakkelijk op en herkristalliseren zij weer. Kalksteen verweert zeer snel in vochtige, maar zeer langzaam in droge streken.
Zij vormen vaak hoge stijlwanden, b.v. in de Alpen. Kalksteen kan van vrijwel onverhard, schelprijk materiaal tot compacte kristallijnen gesteenten variëren. Aangezien plantaardige en dierlijke organismen veelal een belangrijke rol in de vorming hebben, zijn kalkstenen rijke fossielbronnen.
Kalkafzettingen met een hoog kleigehalte heten mergels.
Allerlei overgangen van kalkstenen naar schalie en zandsteen zijn mogelijk. Sommige kalkstenen bevatten kiezelconcentraties, b.v. silex vuursteen of calcedoon. Een carbonaatgesteente dat zowel calcium als magnesiumcarbonaat bevat is een dolomitische kalksteen of een dolomiet. De economische betekenis van kalksteen kan niet hoog genoeg aangeslagen worden, men gebruikt kalksteen op grote schaal bij de constructie van wegen, beton en voor de productie van kalk.
Kleiachtige kalksteen vormt de grondstof voor de cementindustrie.
Afzettingen van lood, zink, fluoride, zwavel en olie zijn vaak met kalkstenen geassocieerd. De vaste hardere soorten van kalksteen worden vaak als natuursteen benut. In de Ardennen komt een onder Carbonische (Touraisien), donker gekleurde en dichte kalk- steen voor, die op vele plaatsen wordt geëxploiteerd onder de naam "zwarte marmer" deze zijn soms nog te bewonderen in oude herenhuizen, zoals die oude venstertabletten en het tablet op oma's slaapkamer commode dan zie je de fraaie witte Carboon fossielen die in de zwarte massa echt opvallen. Dat was toen een echte Belgische zwarte marmer.
Ook onze blauwe stoepstenen en oude vloeren in de kerken van de historische gebouwen (o.a. in kloosters) zijn onder Carbonische kalkstenen. Deze vloertegels zijn opnieuw erg in trek. Spijtig genoeg zijn er te weinig ontginning exploitaties in onze Ardennen en dat maakt dat deze nu vrijwel onbetaalbaar is. Ook de groene milieu verenigingen maken het ontginnen moeilijk om nog nieuwe vergunningen te krijgen van de Belgische overheid.
Vroeger telden wij in de streek van de Ardennen wel +/- 12 ontginningsgroeven, daar zijn er op de dag van vandaag veel van uitgeput of staan ze er verlaten bij. Ook omdat er in deze concurrentie strijd nieuwe en goedkopere marmers geïmporteerd werden uit Italië naar België, was er helemaal geen vraag meer naar onze Belgische "zwarte marmer". Maak hieronder je keuze over welke kalksteen je meer wenst te weten en klik erop.
Top
Marmer
Dit is een volledig uitgekristaliseerd sediment gesteente, dat bestaat uit calciumcarbonaat met sporen van metaaloxide. De calciumcarbonaat massa is wit. De kleurslierten in het marmer worden veroorzaakt door de aanwezige metaaloxiden. In België kent men de volgende soorten zoals; Saint Anne, Noir Belge, Bleu Belge en Rouge Belge. Er worden de laatste jaren meer en meer marmers ingevoerd van uit het buitenland. De meest en
zelfs de wereld beroemdste is de witte Carrara van Italië. De zeer mooie Onyx, die voor sierstukken gebruikt wordt, komt uit Mexico, Argentinië en Joegoslavië enz.. Verder komt er nog marmer uit Griekenland, Frankrijk, Portugal, Spanje en Cuba enz. Marmer is een klassieke natuursteen, geliefd voor de bouwwerken en beeldhouwwerken. Vooral de Witte Carrara marmer uit Italië is al sinds de klassieke oudheid een beroemde natuursteen. Veel van wat in het dagelijkse leven als marmer betiteld wordt, is het in werkelijkheid een kristal gelijnde kalksteen. Marmer heeft een ruime kleurenvariëteit van, wit, roos, geel, bruin, groen, zwart, e.a. Het gesteente is zachter en minder tegen verwering bestand dan graniet en kwartsite en zeker ook niet zuurvast.
Deze vloeren zijn gevoelig voor het mat aflopen door het gevolg van zandkorrels het is bij deze wel aan te raden om een vloermatkader met mat te voorzien bij de hoofd ingang. Het zand is hierbij altijd de grote boosdoener en vermijd dit ! Neem nooit een gepolierde afwerking, een verzoet uitzicht laat minder een matte loop na.
Top
Blauwe Hardsteen
(Ook arduin of "petit granit" genoemd)
Dit is een Belgisch product ! Carrières Du Hainaut te Soignies draait al jaren mee en is vrijwel één van de laatste grote blauwe hardsteen leveranciers in België. Wij troffen vroeger wel vier bekkens aan n.l. in Zennik, Ecaussinnes, Doornik, de Maas- en Ourthevallei. Het gesteente ontgonnen in deze vier bekken vertoonde toen dezelfde kenmerken en is geologisch ontstaan bij de rotsvorming van de koolformatie van de Dinantse laag en van de Doornikse onderlaag. De eigenschappen waren toen ook op alle gebied dezelfde.
Top
Zandsteen
Is een overgang tussen een stolling- en afzettingsgesteenten, die dikwijls sterk silicium- houdend zijn. Zandsteen komt in verscheidene soorten voor, meestal genoemd naar de vind plaatsen, zoals Diest, Brussel, Luxemburg en Sprimont. Men maakt in ons land onderscheid tussen kiezelzandsteen en kalkhoudende zandsteen. De beste kwaliteit is de lichtgrijze soort. Behalve uit de Maasstreek wordt ook wel zandsteen gebruikt uit Frankrijk en Duitsland.
Zandsteen is door zijn gelaagdheid betrekkelijk gemakkelijk te ontginnen. Mooie en harde zandsteen werden vroeger graag als bouwsteen gebruikt. De kleur en de textuur van deze steen zijn aan sterke variaties onderhevig. Zandsteen bestaat in hoofdzaak uit kwartskorrels, die met een kiezelig en kalkig uitzicht. (v.b. Franse Witsteen) of ijzeroxide cement (Belgische zandsteen) verkit zijn. Een kiezelige cement doet meestal harde, resistente zandsteen ontstaan; andere cement typen geven minder resistente gesteenten. Als zandstenen grofkorreliger worden, gaan zij in conglomeraten over; fijnkorreliger zandsteen daarentegen is zandiger, niet compacte schalies.
De meeste zandstenen zijn in ondiepe zeeën afgezet. Hiervan getuigen soms nog de stroomribbels op laagvlakken, schelpen van in ondiep water levende dieren enz…
Top
Witsteen
Dit is een verzamelnaam voor allerhande lichtgetinte, niet polijstbare kalkgesteenten. Het zijn sediment- gesteenten, enkele bekende namen zijn de Savonnières, Braubilliers, Chauvigny, Euville en Massangis uit Frankrijk, de Portland soorten komen uit Engeland en de Jura en Solnhofer uit Duitsland. De meeste witsteen soorten komen nog altijd uit Frankrijk in de streek van Bourgondië; zoals Charmot, Beauvillon, Massangis enz. en ook uit Portugal komen mooie witstenen voor zoals; Mokka Crème, Rosal (Pierre de Beauregard, Fontenay, St. Hubert en Montelimar),Moleanoz (beter bekent als St.Vallier, Montagny, Pierre de Montresor en Vidraco). Dikwijls worden originele namen van witsteen door de invoerders gewijzigd onder een andere naam, reden hiervoor is om een hogere prijs te krijgen (de klant kan dan niet meer de naam, prijs en kwaliteit vergelijken van andere natuursteen zaken) en er is geen concurrentie strijd meer onder de handelaars. Voorbeeld; Moleanos of Moleanoz zijn andere namen van een bekende witsteen, namelijk die van de streek en naam "St.Vallier".
Men kan ook uit één blok witsteen twee verschillende soorten platen verzagen waar men later vloeren uitzaagd van 40X40X2 dik. Normaal zagen met de horizontale lijnen mee krijg je een (gevlamde tegel) tegen de horizontale lijnen in zagen (krijg je een zacht gepunt uitzicht) Zoals je zie zijn er vele mogelijkheden in de natuurstenen vloeren.
Onze raad is, koop altijd wat je graag zie en hoeveel je kan en mag uitbesteden ! Maar vraag steeds naar een degelijk advies en een professionele uitleg over de plaatsing en het onderhoud hiervan. Dat is zeer belangrijk, maar maak in ieder geval nooit een snelle beslissingen.Leisteen (Schiefer)
Is een afzettingsgesteente, ontstaan door het afzetten van fijne leemdeeltjes. Het is een sterk gelaagd, zelfs schilferachtig gesteente, dat grijsblauw van kleur is en bestaat uit een massa van onzuiver aluminiumsilicaat en organische restanten. Het laat zich volgens de richting van zijn gelaagdheid zeer gemakkelijk spijten.
Het wordt gebruikt als dakvloer- en wandbekleding. In ons land wordt er leisteen gewonnen rond de streek van Martelange, Warmifontaine (bij Neufcâteau), Betrix, Vielsalm, Herbeumont
en Alle-sur-Semois. Schalies zijn verharde kleien. Een toename van het zandgehalte doet schalies geleidelijk in fijn korrelige zandsteen overgaan en anderzijds gaan kleien via kleiige kalksteen in kalksteen over. De mineraalbestanddelen van kleien zijn uiterst klein en worden bij voorkeur in diep en rustig water afgezet. Schalies zijn vaak dun gelaagd of gelamineerd en hebben een nogal uniforme textuur.Als gevolg van hun fijnkorreligheid zijn kleien en schalies vaak ondoorlaatbaar voor water.
De klei en slip die in meren is afgezet vertoont soms een afwisseling van donkerder en lichtere lagen, de zogenaamde warven. Elke warve (één lichte en donkere laag) representeert de afzetting van een jaar. Door de warven te tellen kan men aldus een schatting maken van de ouderdom van gletschermeren en andere afzettingen. Op deze wijze is bvb. Aangetoond dat de laatste ijstijd in Noord Europa 25.000 jaar geleden zijn maxium overschreden heeft.
Onverharde kleien vormen een onmisbare grondstof voor de keramische industrieën en heeft nog vele andere toepassingen.
Top
Afdrukken en Fossielen
Afdrukken en steenkernen zijn zeer verbreide fossielvormen. Het zijn afdrukken in afgietsels, in tegenstelling tot conservering en of veranderingen. De voetafdruk van een dinosaurus vormt een goed voorbeeld van dit type fossielen. Voetsporen van het dier in slijk of modder kunnen verharden, voordat zich een nieuwe sedimentlaag afzet. Indien het gehele sedimentpakket later verhard is en het gesteente wordt langs dit laagvlak opengespleten, dan vinden wij de originele afdruk aan de onderkant, met daarin als opvulling een afgietsel (steenkern genoemd).
Schelpen, die in modder of zand begraven zijn vormen daarin een afdruk van de buitenkant van de schelp. Circulerend water kan de schelp geheel oplossen, zodat alleen de afdruk als fossiel bewaard blijft.
Later kan de ontstane holte weer door circulerende oplossingen met calciumcarbonaat of pitriet opgevuld worden, waardoor een steen kern ontstaat. De vorm van het oppervlak van de steen kern is dan volledig gelijk aan die van de buitenkant van de oorspronkelijke schelp.
Paleontologie, de leer van fossielen en planten en dieren en hun geschiedenis, is een belangrijke en fascinerende taak van de geologische wetenschappen. Vooral de bestudering van zeer kleine fossielen (microfossielen) heeft gedurende de laatste decennia zeer veel nieuwe gegevens opgeleverd. Fossielen zijn de overblijfselen, afdrukken of andere aanwijzingen van vroeger plantaardig of dierlijk leven, die in gesteenten voorkomen.Gedurende de laatste honderd jaar is over de gehele wereld zeer veel kennis omtrent fossielen vergaard. Voor fossielen geldt de algemene regel dat, hoe ouder de gesteenten zijn, des te eenvoudiger typen planten en dieren men er in aantreft.
Omgekeerd kan men met behulp van de aanwezige fossielen de relatieve ouderdom van een gesteente vaststellen. De fossielen hebben ons duidelijk gemaakt, dat vele duizenden soorten planten en dieren, die in het verleden zeer verbreid zijn geweest, thans niet meer op aarde voorkomen. De in onze tijd levende dieren en planten vertonen daarentegen een grote gelijkenis met vormen, die in betrekkelijk jonge gesteenten gevonden worden.
Behalve gegevens over de geschiedenis van het leven op aarde, bvb. Van unieke dieren als dinosaurussen en titanotheriën, vertellen fossielen ons ook over de klimaat, die in het verleden geheerst hebben. Tropische koralen op Groenland wijzen op een warmer klimaat in het verleden dan tegenwoordig; uit de afdrukken van dennen en sparren dicht bij het oppervlak in onverharde kleien kan men afleiden dat de glaciale koude zich tot ver naar het zuiden heeft uitgestrekt.
Men maakt ook van fossielen gebruik om uit te maken, of bepaalde gesteenten in de zee, dan wel op land, in meren en rivieren zijn afgezet. Fossielen zijn enerzijds schaars, anderzijds echter wijdverbreid. Slechts een uiterst klein deel van het totale aantal wezens dat op aarde heeft geleefd is als fossiel bewaard gebleven.
Daarentegen zijn bepaalde gesteenten en sedimenten bijna geheel uit schelpen, tanden, plantenresten en zelfs beenderen opgebouwd. Fossielen zijn op velerlei manier bewaard gebleven. De eenvoudigste manier is de volledige conservatie van de harde delen van een plant of dier, hout, beenderen, tanden en andere harde delen blijven, na het afsterven, echter slechts betrekkelijk korte tijd in gave toestand bewaard. Bij een andere wijze van fossielisatie verdwijnen de begraven planten- en dierenresten, waarvan slechts een dun koolstof laagje overblijft. Dit laagje kan eenvoudigweg de vorm van een blad of dier vastleggen. Op grotere schaal hebben soortgelijke processen geleid tot het ontstaan van de uitgestrekte steenkoolafzettingen op aarde.
Soms wordt het begraven materiaal geleidelijk door een andere substantie vervangen, bvb. Opaal, agaat of een andere kwartsvariëteit, calciet, dolomiet of pyriet. Deze bestanddelen zijn uit door het gesteente circulerende oplossingen afkomstig. Dergelijke vervangingsprocessen noemt men verstening. Fossielen, die op deze wijze geconserveerd zijn, komen zeer algemeen voor.
Van alle vervangingprocessen geeft de vervanging van hout door opaal of agaat de opvallendste resultaten. Het bekende "Versteend hout" is op deze wijze ontstaan. De vervanging kan zo volledig zijn gegaan, dat zelfs details van de celstructuur bewaard zijn gebleven.
Top